Wat mooi is in sport levert niet altijd het beste resultaat op. De tennisser die tot vervelens toe dropshots probeert of de voetballer die alleen maar hakballetjes geeft levert ergernis op – totdat het lukt en een highlight oplevert die de geschiedenisboeken in gaat. Bij dammen is er wel een connectie tussen schoonheid en effectiviteit: mooie structuren zijn ook vaak sterk en mooie zetten zijn ook vaak de beste. Toch is het ook net als bij elke schoonheidservaring subjectief wat de ‘mooiste’ zet is – als de ene speler 48-43 een mooie zet vindt en de ander 49-43, dan is het moeilijk om het eens te worden wat dan de beste zet zou moeten zijn (om nog maar weg te blijven van de discussie over wat ‘de beste zet’ eigenlijk betekent).
Hoe dan ook, Jan Groenendijk is een speler die grote waarde hecht aan esthetiek zowel op als buiten het dambord en daarom is het leuk om te kijken hoe hij schoonheid inzet in zijn partijen. Zijn precisie is fantastisch en daarom weet hij ook met een schone stijl (hij maakt niet altijd vanaf zet 1 oorlog op het bord) sterke spelers kan verslaan, ook als die op remise uit zijn. Een voorbeeld daarvan is zijn overwinning op Ron Heusdens in de zesde ronde van het afgelopen NK in Drachten.