Hoewel mijn tijdverbruik nog niet was wat het had moeten zijn, was de eerste partij in mijn ogen een succes. Ik kreeg vanuit de opening een stand op het bord die rechtstreeks uit onze voorbereiding kwam, en had in het middenspel licht overwicht nadat hij aan de handrem had getrokken. Daar kwam niet zoveel van terecht, maar toen hij rond de tijdnoodfase nog een onnauwkeurigheid beging moest hij daarna nog even secuur spelen voor een punt. Dat lukte wel, maar als dat twaalf keer gebeurt terwijl de druk steeds meer toeneemt, dan lukt het waarschijnlijk ook een keer níet.
De tweede partij speelde ik met zwart. Natuurlijk hadden we wel rekening gehouden met andere zetten dan 1.32-28, maar deze was wel het meest waarschijnlijk. We hadden daarop meerdere antwoorden, maar in deze eerste zwartpartij leek het me psychologisch gezien een goed idee om te spelen wat hij zelf gisteren speelde. We hadden mooie ideeën gevonden in één van zijn lijfopeningen.