Banner <Topics Magazine> 85-23 DAM - ABC (2)

85-23 DAM - ABC (2)

Auteur: Danny Verschueren
Topics Magazine  10-07-1985

Vorige week zagen we dat slaan verplicht is, zowel vooruit als achteruit. Ook moeten steeds het grootste aantal stukken geslagen worden. Omdat dit laatste vaak over het hoofd gezien wordt of voor verwarring zorgt, hierover een diagramstand.

In de diagramstand is wit aan zet en kan zowel één of twee schijven van zwart slaan, doch meerslag is verplicht en dus «moet» wit de twee zwarte schijven slaan. Na deze slag slaat zwart drie schijven, maakt dam op 47 en wint natuurlijk.

Een ander niet onbelangrijk punt bij het slaan is dat men wel meermaals over hetzelfde onbezette veld mag gaan bij het slaan, maar niet tweemaal over hetzelfde stuk van de tegenstrever. Bovendien mogen pas na de «volledige» slag de geslagen stukken van het bord genomen worden.

De dam en haar werking vormt een belangrijk onderdeel van de spelregels. Een schijf wordt dam als hij de bovenste rij van het bord, dus daar waar de tegenspeler zit, bereikt. Voor wit is de damrij de velden 1 t.e.m. 5, voor zwart de velden 46 t.e.m. 50. Bovendien moet de schijf op de damrij tot stilstand komen: als men de damlijn bereikt na het slaan van een stuk van de tegenpartij én men moet nog verder achteruit slaan, dan heeft men nog geen dam!

Om duidelijk te maken dat een schijf tot dam gepromoveerd werd, wordt er een andere schijf van dezelfde kleur bovenop geplaatst. Natuurlijk gebeurt dat niet met een schijf die nog deelnam aan het spel.

Hoe werkt een dam? Wat zijn er de mogelijkheden van? Een dam kan men zowel vooruit als achteruit schuiven en dit kan over alle vrije velden van de lijn waarop de dam zich bevindt. Van lijn verspringen zonder te slaan is niet mogelijk.

Het slaan met de dam is verplicht, zowel vooruit als achteruit. Een dam kan niet slaan over twee stukken van de tegenpartij die zich op zijn lijn bevinden zonder dat er tussen die twee een onbezet veld is. Indien er tussen meerdere schijven wél één of meer onbezette velden zijn, dan moet de dam al die schijven slaan. Bovendien is het zo dat een dam NIET vlak achter de geslagen schijf «moet» halt houden, maar wel een van de onbezette velden achter de geslagen schijf kan kiezen.

Het slaan met de dam heeft geen voorrang op het slaan met de schijf. Als men dus met een dam twee schijven kan slaan, maar ook met een schijf dan kan men tussen beide kiezen. Wel geldt ook hier de meerslagregel: steeds moeten het hoogste aantal stukken geslagen worden, ongeacht of dit gebeurt met een dam of een schijf.

Volgende week meer over wanneer een partij gewonnen of remise is en over de notatie bij het dammen.