Van der Stap - Shvartsman


Alexander Shvartsman (l.) in actie tegen Wouter Sosef tijdens Hoogeveen Open 2023. Foto: Zainal Palmans

Van der Stap - Shvartsman

"Soms moet je meer dan twintig zetten diep rekenen"



Auteur: Alexander Shvartsman
Mijn goede damvriend Ben Provoost (we kennen elkaar al jaren) benaderde me om een bijdrage voor damplatform Damkunst te leveren. Hij vroeg me om mijn beste partij uit 2023 te analyseren. Hier ging ik graag op in en na een tijdje wikken en wegen koos ik ervoor om mijn partij tegen Peter Van der Stap te bespreken. Dit duel vond plaats in een toernooi in Baarn in juni 2023, waar ik alle zeven partijen won.
Tegen Van der Stap kan ik bogen op een goede score. Van de vier partijen die we tot dat moment hadden gespeeld, hoefde ik slechts een punt af te staan. Toch verliepen onze onderlinge partijen nooit gemakkelijk voor mij. Van der Stap is een solide speler, die graag strategisch speelt en vasthoudt aan zijn uitgestippelde koers. Tactisch is hij minder sterk en hij rekent ook niet altijd diep genoeg. Omdat we vaker de degens hebben gekruist, wist ik dat hij geen speler is die uit is op het ruilen van schijven – zelfs niet als hij tegen een sterke tegenstander zit. Van der Stap is dus een prettige speler om tegenover je te hebben.
Mijn strategie in de partij die ik zal bespreken was, zoals gewoonlijk, om te proberen ingewikkeld spel op het bord te krijgen en zo mijn opponent in de problemen te brengen. Ik probeer dat bijvoorbeeld te doen door de tegenstander veel keuzes aan te bieden.
Een reden om mijn partij tegen Van der Stap te analyseren, is dat dit duel zich kenmerkt door het vele rekenwerk. Typerend voor de partij zijn ook de diverse interessante psychologische momenten. Soms moet je vijftien à twintig (of dieper) rekenen en het is ook heel belangrijk om in te schatten wat je tegenstander gaat spelen. Op al deze momenten zal ik ingaan en uitleggen wat ik zag en dacht en wat mijn tegenstander wel en niet heeft berekend.
Het was me een genoegen om deze mooie partij te analyseren en ik hoop dat je van mijn bevindingen zult genieten.

1.32-28 16-21

Deze wedstrijd vond plaats in de 4e ronde. Waarom ik deze opening koos tegen Van der Stap is niet eenvoudig te zeggen. Waarschijnlijk speelde intuïtie een rol, maar een andere reden is meer van praktische aard: ik ken deze opening vrij goed. Aan de beginzetten hoef ik dus niet veel tijd te besteden, zodat ik alle energie kan stoppen in het interessante middenspel dat hierna ontstaat. De andere kant van de medaille is dat ook mijn tegenstander relatief snel kan spelen.

2.31-26 11-16 3.38-32!

Wit blijft principieel spelen! Mijn meeste tegenstanders deden zelfs geen 2.31-26 of vervolgden met 3.37-32 enzovoort.

7-11

De geforceerde varianten die na 3...18-22 ontstaan, kunnen mij niet echt bekoren.

4.37-31 19-23 5.28x19 14x23 6.31-27 23-28 7.32x23 18x38 8.43x32 10-14 9.41-37

De korte vleugelopsluiting (kvo) is een feit. Nu moet zwart een keuze maken.

12-18!?

Zwart moet nu al beslissen welke ontwikkeling hij verkiest. De meest gespeelde standaardvariant is

9...5-10 10.39-33 14-19 11.44-39 10-14 12.50-44 12-18 enzovoort.
10.39-33 13-19!?
Schijf 5 ontwikkelen lukt niet meer, omdat na 10...14-19 11.44-39 5-10? niet mogelijk is vanwege 12.27-22! 18x29 13.34x5 
De ontwikkeling waarvoor zwart kiest, is afkomstig van Vadim Virny. Ten tijde van de Sovjet-Unie won hij veel mooie partijen in deze opening.
11.44-39 8-13 12.46-41 2-8 13.36-31 1-7
Ik denk dat zwart aan het plan 13...18-22?! 14.27x18 13x22 weinig heeft. Op zijn minst omdat wit altijd de mogelijkheid heeft om te ruilen met 41-36 en 31-27.
14.42-38 5-10 15.49-43 7-12 16.50-44 20-24

De opening is voorbij. Op het bord prijkt een principiële stelling. Zwart heeft een economische kvo, zonder schijf op 2. Maar is het ook goed? Veel hangt af van wie de witspeler is! Aan de ene kant hoeft zwart geen schijven meer te ontwikkelen op zijn rechterflank. Aan de andere kant is de positie van zwart zonder schijf op 2 of 7 niet zo flexibel; de formatie 7/12/18, nodig om schijf 27 te ruilen, kan niet meer in stelling worden gebracht.

17.34-30?

Na deze passieve zet werkt zwarts plan! Beter was het om schijf 34 op zijn plaats te houden en op de volgende zet naar veld 28 of 29 te gaan.

15-20?!

De standaardreactie, maar een paar zetten later begreep ik dat ik al een foutje had gemaakt. Praktisch gezien was het beter om geen belangrijk tempo te verliezen en te vervolgen met

17...14-20!? 18.33-28 18-23 en nu: 19.39-33 Mogelijk is nu
Interessant is de computervariant 19.27-22!? 12-18
Mogelijk is ook 19...23-29?! 20.30-25 10-14 21.31-27 29-33 22.38x29 24x33 23.47-42 enzovoort.
20.31-27
Of ook 20.30-25 18x36 21.25x5 4-10 22.5x14 9x20
20...20-25 21.47-42 25x34 22.40x20 15x24 23.39-34 enzovoort, met voordeel voor wit.
Al deze varianten doen er echter niet zo toe, omdat de kans niet groot was dat wit tot 19.27-22!? zou hebben besloten.
19...24-29! 20.33x24 20x29 met op 21.44-39 de tactische wending 17-22! 22.27x7 11x2 23.26x17 29-34 24.40x18 13x44 25.43-39 44x42 26.47x38 15-20 Deze stand, met de vooruitgeschoven schijf op 17, is beter voor zwart.
18.33-28!
18.30-25 10-15 19.33-28
Op 19.47-42 volgt 24-29 20.33x24 20x29
19...18-23 20.39-33 24-29 21.33x24 20x29 22.44-39 17-22 23.27x7 11x2 24.26x17 29-34 25.40x18 13x44 26.43-39 44x42 27.47x38 15-20 enzovoort, zoals eerder aangegeven.
18...18-23 19.39-33 10-15 20.44-39

Dit is waarschijnlijk het belangrijkste moment van de partij. Hier investeerde ik veel tijd in het kiezen van een plan. Als je de varianten hebt nagespeeld die ik de komende zetten geef, kun je antwoord geven op de meest gestelde vraag van amateurs aan grootmeesters: "Hoeveel zetten kun je tijdens de partij vooruit rekenen?" Meestal antwoord ik: "Zo'n vijftien à twintig zetten." Aan de hand van deze partij kun je nagaan of mijn antwoord klopt...

24-29!?

Na lang rekenen besloot ik tot een zeer riskant plan. Dat deed ik, omdat de stand na de alternatieven te overzichtelijk wordt. Ik speel dus niet altijd de beste zet, maar houd bij mijn keuzes rekening met de capaciteiten van mijn opponent. Ik hoopte dat mijn tegenstander de hoofdvariant niet zou zien en het partijverloop stelt me in het gelijk.

Ik laat zien wat ik berekend heb: 20...12-18 21.30-25 24-29
21...17-22 22.28x17
Natuurlijk niet 22.26x17? vanwege 24-29 23.33x24 22x44 24.40x49 11x22 met schijfwinst voor zwart.
22...21x12 23.41-36 24-29 24.33x24 20x29 en na het makkelijk te vinden 25.27-21! 16x27 26.31x22 18x27 27.32x21 wordt de partij te eenvoudig.
22.33x24 20x29 23.39-33?! 29-34?! 24.40x29 23x34 25.35-30?!
Ook goed is het simpele 25.43-39 34x43 26.48x39 en wit blijft prima staan.
25...34-40! 26.45x34 4-10 Een interessant tijdelijk offer. Maar na 27.41-36 19-23 28.28x19 13x35 29.43-39 heeft wit genoeg tegenspel voor het sterke stuk op 35.
21.33x24 20x29 22.40-34?

Na een paar minuten denken besluit wit om de voorpost van zwart te ruilen. Om eerlijk te zijn verwachtte ik dit antwoord...

Niet zo goed is 22.30-25? 17-22! 23.27x7 11x2 24.26x17 29-34 25.40x18 13x44 26.43-39 44x42 27.47x38 9-13 enzovoort.
De sterkste zet is 22.39-34! en nu volgt een lange forcing. Ik zal je laten zien wat ik zag tijdens de partij en ingaan op mijn manier van berekenen. Ik denk dat dit interessanter is dan slechts door een computerprogramma aangegeven varianten te tonen. 4-10! Vanwege de dreiging 23.30-24! is dit de hoofdvariant.
Verliezend is 22...12-18?? vanwege 23.30-24!
De volgende forcing is niet zo goed voor zwart: 22...14-20?! 23.28-22! 17x28 24.26x17 12x21 25.27-22! 28x17
26.32-27!
Heel slecht is 26.32-28? 23x32 27.34x25 21-26! 28.38x27 17-21! 29.27-22 21-27 enzovoort.
26...21x32 27.37x28 23x32 28.34x25 17-21 29.38x27 21x32 Wit kan de schijf op 32 niet winnen, maar wel afwikkelen naar een eindspel met materiaalvoordeel, bijvoorbeeld met 30.48-42 16-21 31.31-27 32-38 32.27x7 38x49 33.7-1 enzovoort.
23.43-39! 12-18 24.39-33! Wit zet tactiek in om gebruik te maken van de slechte schijf op veld 10. 17-22
Erg belangrijk is dat 24...14-20? 25.33x24 20x29 verliest vanwege 26.27-22! 18x36 27.32-27! 21x43 28.48x39 23x32 29.34x5 32-38 30.5-23+-
25.26x17! De beste! Straks nemen we de alternatieven onder de loep.
25.33x24?! 22x42 26.47x38
26.26x17 11x22 27.47x38 6-11 is beter voor zwart.
26...11-17 27.41-36 8-12 28.27-22 18x27 29.31x11 6x17 leidt tot interessant spel.
Ook mogelijk, maar niet zo interessant, is 25.28x17 21x12 26.33x24 23-28 27.32x23 18x20 28.30-25 20-24 29.34-30 24-29 30.41-36 19-24 31.30x19 14x23 en de positie is gelijk.
25...14-20 26.33x24 22x42 27.47x38 20x29
27...11x22? verliest vanwege de meerslag 28.30-25! 19x39 29.25x5+-
 Tot dusver ging het berekenen gemakkelijk. Ik zag nu de volgende varianten aan mijn geestesoog voorbijtrekken: 28.17-12
28.32-28?? Wit hoopt op 23x12?? Maar zwart slaat
28...11x42!-+
28.48-42 11x22 29.32-28 23x43 30.34x5 43-49 Hier hield ik eveneens op met rekenen nadat ik dam had gehaald. Maar opnieuw voorvoelde ik gevaar, en terecht. De computer wijst er namelijk op dat wit ook nu de zwarte dam neutraliseert:
31.30-24! 49x21 32.42-38! 21x49 33.35-30! 49x35 34.30-25 35x19 35.5x1 Na 22-28 hoeft zwart echter wederom niet te wanhopen.
28...8x17 29.32-28 23x43 30.34x5 43-49 Hier stopte ik met rekenen. Mijn intuïtie zei dat de situatie gevaarlijk kon zijn voor zwart, maar ik zag geen concrete varianten. De computer laat echter zien dat wit de zwarte dam kan afpakken:
31.30-24! 49x21 32.48-43! 21x49 33.35-30 49x35 34.30-25 35x19 35.5x26 Als zwart nu vervolgt met 9-14! houdt hij zicht op een gelijkspel. 36.25-20!
Op 36.26-12? natuurlijk 3-8! 37.12x20 15x24=
36...14x25 37.26-12 enzovoort.
22...29x40 23.35x44 15-20

Beide spelers spelen nu een aantal logische zetten.

24.30-25 20-24 25.47-42 4-10 26.41-36 10-15 27.38-33

Ik was tevreden met de situatie op het bord. Volgens mij ligt het initiatief bij zwart (wat misschien onjuist is?). Ik heb namelijk vrij spel op de linkerflank en op de andere flank moet wit rekening houden met het idee 17-22 en 24-29 enzovoort. Er moet echter weer een plan gemaakt worden.

14-20!?
Na even nadenken verwierp ik het alternatief, dat wit weinig problemen geeft: 27...12-18 28.42-38 17-22 Wit kan nu op twee manieren slaan: 29.28x17
Verrassend genoeg kan wit ook slaan met 29.26x17!? 24-29
Het beste voor zwart is het standaardidee 29...14-20! 30.25x14 9x20 waarna wit er goed aan doet om de stelling te forceren met 31.31-26 22x42 32.48x37 11x22 33.28x17 enzovoort.
30.33x24 22x42 en nu kan 31.17-12! 18x7 32.43-38 42x33 33.39x28 19x30 34.28x10 15x4 35.25x34 enzovoort.
29...21x12 en na de 'verschrikkelijke ruil' 30.27-21 16x27 31.31x22 18x27 32.32x21 kan zwart twee punten wel vergeten.
28.25x14 9x20 29.43-38 20-25
Ik liet 29...12-18 na, omdat wit de stand dan kan forceren: 30.28-22
30.48-43 en het beste voor zwart is om 17-22 te spelen: 31.28x17
Na 31.26x17? 20-25! heeft wit een probleem en moet vechten voor een punt. Bijvoorbeeld 32.31-26! 22x31 33.36x27 11x31 34.26-21 16x27 35.37x26 en na 23-29 36.32x21 18-23 37.28-22 23-28 38.45-40 28x17 39.21x12 8x17 40.39-34 19-23 41.33-28 23x32 42.34x23 enzovoort wint wit zijn schijf weer terug.
31...21x12 en wit heeft opnieuw de ruil 32.27-21 16x27 33.31x22 18x27 34.32x21 enzovoort.
30...17x28 31.26x17!
Mogelijk is ook 31.33x22?! 11-17 32.22x11 6x17 enzovoort, met een interessante stelling, die er beter uitziet voor zwart.
31...11x22 32.31-26! 22x31 33.33x22
33.36x27!?
33...18x27 34.32x21 16x27 35.37-32 enzovoort en wit wint twee schijven terug.
30.48-43 24-30!

Zwart probeert zijn tegenstander de controle over het belangrijke veld 34 te ontzeggen.

31.28-22!
Simpel verhinderd is 31.45-40? door 19-24! 32.28x19 30-35 33.19x30 25x45-+
Het is interessant om de gevolgen van 31.44-40!? na te gaan. Het beste is 15-20!
Na 31...30-35? 32.40-34 35-40 33.33-29 12-18 krijgt zwart te maken met enkele problemen.  Tot gelijkwaardig spel leidt 34.27-22
34.39-33!? 25-30
Het dubbeloffer 34...19-24? 35.28x30 40-44 is niet zo goed, omdat de zwarte dam na 36.30-24 44-49 37.33-28 weinig bewegingsvrijheid heeft.
35.34x25 23x34 en na 36.43-39 34x43 37.38x49 8-12 38.45x34 15-20 39.25x23 18x47 40.28-22 17x28 41.26x19 staat wit beter.
34...18x27 35.29x9 3x14 36.31x22 40x29
32.33-29
Niet goed is 32.40-35? 20-24 33.45-40? 3-9 34.40-34 9-14-+
32.40-34 resulteert na 20-24 33.34-29 23x34 34.28-22 17x28 35.32x14 21x41 36.36x47 13-19 37.14x23 3-9 in een interessante positie, maar zwart staat beter.
32...23x34 33.40x29 en zwart heeft goed tegenspel.
31...17x28 32.26x17 12x21 33.33x22

Eenvoudig en sterk. In een dergelijk speltype moet zwart altijd zijn antwoord klaar hebben op deze standaardaanval. En dat had ik...

15-20!
De beste. Niet goed is het alternatief 33...11-17 34.22x11 6x17 en de rechterflank van zwart ziet er zwak uit. Na bijvoorbeeld 35.31-26 13-18 36.38-33 8-13 37.42-38 mag 15-20? niet vanwege het standaardoffer 38.27-22! 18x27 39.37-31+-
34.31-26 23-28 35.32x14 21x41 36.36x47 20x9

Na een geforceerde variant is de situatie compleet gewijzigd. Op het bord staat nu een 9x9-positie. De witte voorpost op 22 is voldoende beschermd, dus echt voordeel heeft zwart niet. Maar wel wit moet nog een aantal goede zetten doen...

37.45-40 9-14 38.40-34
De voortzetting 38.40-35? 14-19 39.35x24 19x30 verzwakt wits korte vleugel.
38...8-12 39.38-33 14-19 40.43-38 3-9

Tot nu toe was er geen vuiltje aan de lucht voor de witspeler.

41.33-29?

Dit is de eerste, maar niet de laatste fout van Van der Stap.

Een sterker voortzetting is 41.42-37 19-23 42.37-32 en het beste voor zwart is om met 11-17 wits voorpost af te ruilen.
Geen goed plan is 42...12-17? 43.32-27 17x28 44.33x22 9-14? 45.26-21! 13-19 46.38-33! en wit gaat winnen.
41...11-17! 42.22x11 6x17

Een goede ruil! Eenvoudig en sterk. Ik ruik nu bloed en begin met hernieuwde energie te spelen. Het stuk op 29 hindert het witte spel en zwart probeert deze zwakte maximaal uit te buiten.

43.38-32 12-18 44.42-38 16-21! 45.38-33 18-23! 46.29x18 13x22

Natuurlijk is deze 7x7-stand nog steeds remise, maar dankzij het tempovoordeel (+8) oefent zwart een zekere druk uit op de tegenstander.

47.34-29?
Een ernstige fout. Van der Stap zag af van de variant 47.47-42 19-23 48.42-38 9-13
of 48...9-14
 omdat hij niet zag dat na 49.44-40? (33-29 levert bij goed spel een punt op) een finesse volgt als zwart 30-35? speelt:
maar in plaats van 30-35? heeft zwart een prachtige winst: 49...13-19! 50.33-29* 22-27! 51.29x18 19-23! 52.18x29 30-35! Na dit dubbeloffer is wit kansloos.
 Er kan bijvoorbeeld volgen: 53.39-33 35x44 54.33-28
54.29-23 44-50 55.32-28 50-45 56.33-29 17-22 57.28x17 21x12
54...44-49! 55.28-22 17x37 56.26x17 49x32 57.17-12 32-38! en het 4x2-eindspel levert geen problemen meer op.

Veel beter dan de partijzet of 47.47-42 is 33-29. Nu wordt de situatie gevaarlijk voor wit.
50.33-28! 35x42 51.28x8 had, met remise.
47...9-13 48.32-28 13-18 49.47-42

De tijd voor concrete berekeningen is nu aangebroken voor zwart. Hier moet ik een paar alternatieven beoordelen.

19-24
Het tijdelijk offer 49...30-34 50.29x40 18-23 levert niets op. Na 51.40-34 23x32 52.42-38 32x43 53.39x48 21-27 54.48-42 27-32 55.33-29 22-27 56.44-39 17-22 57.42-38 32x43 58.39x48 biedt de stand van wederzijds vier schijven geen winstkansen meer.
Evenmin beter is 49...21-27 50.42-38 30-34 51.29x40 18-23 en om nu een punt te halen, moet wit het van een ander idee hebben: 52.38-32! 27x29 53.26-21!=
50.29x20 25x14 51.44-40 14-19 52.42-38
Verliezend is 52.40-35? 19-24 53.42-37 21-27-+
Wel mogelijk is 52.42-37! 30-35 53.40-34 21-27 en wit brengt zich met de meerslagfinesse 54.37-32! 27x40 55.26-21! 22x44 56.21x14 in veiligheid.
52...30-35 53.40-34 18-23 54.38-32

Beide spelers sturen aan op een botsing, wat gevaarlijk kan zijn voor wit. Maar... zwart moet zetten.

22-27 55.33-29?

Een fout die beslissend had kunnen zijn.

Een duidelijke remise zit er in na 55.28-22 Van der Stap miste hier de meerslag 27x40 en zag alleen het kansloze 55...17x37 56.26x17 37-42 enzovoort. 56.22x11 21-27 Nu volgt een simpele forcing: 57.11-7 40-45 58.7-1! 45-50 59.1x34! 50x11 60.34-18! 27-32 61.18-27! 32x21 62.26x6=
Ook het onlogische 55.34-30?! 27x29 56.28-22 17x28 57.26x17 35x24 58.17-11 is voldoende voor remise. Belangrijk is dat na 29-33 nog een offer volgt: 59.11-6! 33x44 60.6-1 24-29 61.1-6 28-32
61...29-33 62.6-1!=
62.6x50 32-37 en nu bijvoorbeeld 63.50-44 en de aanval op schijf 19 brengt het reddende punt.
55...27x38 56.29x18
21-27?

Een grote fout.

Een niet zo moeilijke winst was mogelijk na het logische 56...38-42 en nu:  Na 57.18-12
Ook mogelijk is 57.28-22 17x28 58.26x17 42-48! In het 'berekenen' van deze variant (tijdnood!) vertrouwde ik gewoon op mijn intuïtie (niet altijd goed!) en die zei dat de twee schijven van wit echt te dicht bij dam staan. Maar... wit heeft echt geen verdedigingskansen! De andere twee schijven staan te slecht en helpen zwart makkelijk aan twee punten. Bijvoorbeeld
59.17-12
Kansloos is 59.39-33 28x30 omdat wit hierna nog een schijf kwijtraakt.
59...19-23 60.18x29 35-40 61.34x45 48x7-+
57...17x8 58.26x17 42-48 59.17-11 volgt de leuke finesse 19-23! 60.28x19 8-13! 61.19x8 35-40 62.34x45 48x16-+
57.34-30?!
De stand is remise. Na 57.34-29 38-42 58.29-24 19x30 59.18-13 valt er weinig meer te proberen voor zwart. Bijvoorbeeld 42-48 60.13-9 48x34 en de aanval op schijf 17 met 61.9-3 bezorgt wit een punt. Maar... vergeet niet dat beide spelers geen tijd hebben!
57...35x24 58.39-33 38x29 59.28-23 19x28 60.18-13

Na een paar offers resteert een 5x2-eindspel. De zwarte stukken staan erg ongemakkelijk - allemaal in het centrum. Tijdens de partij had ik het gevoel dat zwart niet meer kan winnen en sterke damprogramma's bevestigen dat gevoel na afloop. Maar... Ik probeer nog steeds problemen te vinden voor de tegenstander...

24-30 61.13-9 30-35 62.9-4 35-40
Het alternatief 62...28-33 is niet beter: 63.4x31 33-39 64.31-42 29-34 65.42-48 35-40 66.48-37 40-45 67.37-28 45-50 68.28x11! en zwart heeft geen tempo om wits dam af te nemen.
63.4x31 40-44

Nu volgt het beslissende moment in dit 4x2-eindspel.

64.31-18?
De laatste fout in deze interessante partij. Met 64.31-9 (Ook diverse andere zetten zijn goed.) 28-32 65.9-20 29-34 66.20-25 34-40 67.25-14 32-38 68.14-28 44-50 69.28x6 38-43 70.26-21 kon wit relatief makkelijk remise maken.
64...29-33

Wit heeft een belangrijk tempo verloren en is nu kansloos, omdat hij geen enkele zwarte schijf succesvol kan aanvallen.

65.18-13 44-49 66.13-30

Andere aanvallen worden als volgt afgeslagen:

op 66.13-19 volgt 33-38! 67.19x43 49x32-+
niet beter is 66.13-22 en nu kan zwart zelfs op meerdere manieren de witte dam neutraliseren: 17-21
66...49-21 67.22x11 21-17 68.11x22 28x17-+
66...49-44 67.22x11 33-39 68.11x33 39x28-+
67.26x17 49-21 68.17x26 28x17-+
66...28-32

Onderweg naar dam bieden zwarts schijven steun aan elkaar...

67.30-19 32-38 68.19-23
Op 68.19-24 49-35! 69.24-20 35-24-+
68...38-42 69.23-45 42-48

Wit geeft het op.